Klimaat en ontwikkelingssamenwerking

Ontwikkelingslanden merken als 1 van de eersten de gevolgen van klimaatverandering. Ook zijn in deze landen de gevolgen vaak erg groot. Het klimaat is daarom een belangrijk onderdeel van het Nederlandse ontwikkelingssamenwerkingsbeleid.

Waarom klimaat in het Nederlandse ontwikkelingssamenwerkingsbeleid?

In ontwikkelingslanden zullen vooral de allerarmsten geraakt worden door de gevolgen van klimaatverandering. De Rijksoverheid wil klimaatverandering tegen gaan. Meer informatie hierover vindt u in de nota ‘Wat de wereld verdient: een nieuwe agenda voor hulp, handel en investeringen’.

Hoe draagt Nederland bij aan het internationaal klimaatbeleid?

Binnen het ontwikkelingssamenwerkingsbeleid richt de Rijksoverheid zich op de volgende thema’s:

  • Minder CO2-uitstoot

De Rijksoverheid ondersteunt programma’s om de toegang tot duurzame energie in ontwikkelingslanden te vergroten. Daarbij hoort ook de afschaffing van subsidies op fossiele brandstoffen. Daarnaast zet Nederland zich in om ontbossing tegen te gaan. Nederland maakt internationale afspraken en streeft naar een internationaal klimaatakkoord in 2015. Daarbij sluit de Rijksoverheid partnerschappen met het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen. Hierdoor versterkt Nederland het draagvlak voor een ambitieus klimaatbeleid.

  • Aanpassing aan klimaatverandering in ontwikkelingslanden

De Rijksoverheid helpt ontwikkelingslanden om met de gevolgen van klimaatverandering om te gaan. Bijvoorbeeld op gebied van waterbeheer en voedselzekerheid. Daarnaast zijn veel natuurrampen gerelateerd aan klimaatverandering. Nederland helpt ontwikkelingslanden weerbaar te worden en het risico op rampen te verminderen. Zo geeft de Rijksoverheid via de Wereldbank met experts en bedrijven advies aan ontwikkelingslanden op het gebied van waterrampen. Dit gebeurt in het samenwerkingsverband Global Facility for Disaster Reduction and Recovery (GFDRR). Nederland geeft ook geld aan klimaatfondsen, waarmee programma’s in ontwikkelingslanden gefinancierd worden. Het gaat daarbij om Climate Investment Funds en Green Climate Fund.