Schorsing voorlopige hechtenis binnen de Europese Unie

Burgers van landen van de Europese Unie (EU) kunnen als verdachte vastzitten in een ander EU-land. Zij kunnen onder voorwaarden vrij komen. Dit heet ook wel schorsing van de voorlopige gevangenschap. Zij mogen in eigen land de berechting afwachten en bijvoorbeeld door blijven werken.

Verdachten onder voorwaarden vrij laten

Een rechter kan besluiten dat een verdachte niet wordt vastgezet als hij zijn berechting afwacht. De rechter laat dan de verdachte onder voorwaarden vrij. Deze voorwaarden heten ook wel toezichtmaatregelen. Als een verdachte de toezichtmaatregelen niet naleeft, kan hij alsnog vast worden gezet tot zijn berechting.

Toezichtmaatregelen overdragen

Bij een vrijlating onder voorwaarden neemt de EU-lidstaat waar de verdachte woont de toezichtmaatregelen over. Deze EU-lidstaat houdt dan toezicht op de verdachte. Hierdoor zijn slachtoffers en het publiek beter beschermd. Leeft de verdachte de toezichtmaatregelen niet na? Dan kan hij opnieuw vast worden gezet in het land waar het stafproces plaats heeft.

Afspraken EU-landen toezichtmaatregelen

Om de afspraken tussen de EU-landen mogelijk te maken, past elke lidstaat de eigen wetgeving aan. In Nederland is dit de Wet wederzijdse erkenning op beslissingen inzake toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis.

In deze wet staan de volgende afspraken:

  • De toezichtmaatregelen die een rechter oplegt aan de verdachte neemt de lidstaat over waar de verdachte woont. De ontvangende lidstaat verandert niets aan de toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige opsluiting. De ontvangende lidstaat moet de toezichtmaatregelen wel kunnen uitvoeren.
  • De verdachte kan aan de rechter vragen om toezichtmaatregelen op te leggen en over te dragen. De raadsman van de verdachte kan hem hierbij helpen. De verdachte gaat bij de overdracht zelf terug naar het land waar hij woont.