Er zijn strenge Europese regels voor veilig vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, het binnenwater en het spoor. Daarnaast zijn er extra Nederlandse regels voor de ruimtelijke ontwikkeling langs de wegen waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd.

Nuttige gevaarlijke stoffen

Veel producten voor het dagelijks gebruik bestaan uit chemische stoffen. Denk aan cosmetica, medicijnen, brandstoffen, schoonmaakmiddelen, verf en kunststoffen. Voor de meeste van deze producten kunnen de grondstoffen gevaarlijk zijn. Daarom zijn er strenge Europese regels om ze veilig te kunnen vervoeren

Regelgeving: eisen aan voertuigen, vervoermiddelen, verpakkingen en chauffeurs

Gevaarlijke stoffen zijn nodig voor de Nederlandse economie. Het vervoer van deze stoffen brengt risico’s met zich mee. Om de risico’s te beperken, zijn (internationale) afspraken en regels gemaakt. Bij elke groep gevaarlijke stoffen horen bepaalde regels. Een bedrijf dat gevaarlijke stoffen wil vervoeren, moet zich houden aan regels voor:

  • vervoermiddelen (zoals tankwagens, schepen, reservoirwagens);
  • verpakkingen;
  • chauffeurs (zij hebben vaak speciale diploma’s nodig);
  • vervoersdocumenten;
  • etikettering gevaarlijke stoffen.

De regels staan in de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs). De algemene regels staan in het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen. Daarnaast gelden specifieke regels voor vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor en over de weg. Ook gelden er regels voor vervoer van gevaarlijke stoffen over zee en binnenwateren.

Verschillende partijen werken samen om de regels na te leven. Dit voorkomt ongevallen en beperkt eventuele gevolgen voor de omgeving. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) controleert transporteurs van gevaarlijke stoffen. Ook geeft de ILT informatie en advies aan vervoerders van gevaarlijke stoffen.

Veilig vervoer van gevaarlijke stoffen door Nederland

0:00
0:00
/
0:00

Tunnels en gevaarlijke stoffen

Vrachtwagenchauffeurs mogen niet zomaar met gevaarlijke stoffen door alle tunnels rijden. Hiervoor gelden Europese regels. De veiligheidscategorie waaronder de tunnel valt, bepaalt welke gevaarlijke stoffen erdoor mogen.

Melden incidenten bij vervoer gevaarlijke stoffen

Tijdens het vervoer van gevaarlijke stoffen kan een ongeluk gebeuren. Een verkeersongeluk of bijvoorbeeld lek in de tank. Dan moeten de hulpdiensten gewaarschuwd worden via 112. Daarna moeten de transporteur en andere betrokkenen het ongeluk zo snel mogelijk melden bij de Inspectie Leefomgeving en Transport.

Extra Nederlandse eisen: het basisnet

Nederland heeft boven op de Europese regels extra afspraken opgenomen voor de veiligheid van omwonenden langs wegen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Die afspraken staan in het basisnet. Ook is dit vastgelegd in de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs).

De kans op ongelukken tijdens het vervoer van gevaarlijke stoffen is in Nederland zeer klein. Het risico op een incident of ongeval kan voor onrust zorgen bij de inwoners van gemeenten waar het vervoer van gevaarlijke stoffen doorheen gaan. Het basisnet beschrijft per traject wat het maximale risico is van het vervoer van gevaarlijke stoffen. Als het risico hoog is, mogen er dicht bij het traject geen woningen komen te staan. En bijvoorbeeld ook geen ziekenhuizen, basisscholen of verpleeghuizen.

Doelen basisnet

Basisnet heeft de volgende doelen:

  • Mogelijkheden open houden voor het vervoer van gevaarlijke stoffen tussen locaties van productie, verwerking en overslag in Nederland en het buitenland, nu en in de toekomst.
  • Risico’s voor omwonenden langs de routes binnen aanvaardbare grenzen houden. In Basisnet heten deze grenzen risicoplafonds.
  • De grenzen vertalen in heldere regels voor de ruimtelijke plannen van provincies en gemeenten, bijvoorbeeld in omgevingsplannen.

Berekening risico’s vervoer gevaarlijke stoffen

De regels die in Basisnet zijn vastgesteld, zijn gebaseerd op:

  • vervoersvoorspellingen tot 2020;
  • het aantal inwoners nu en in de toekomst;
  • de bebouwing nu en in de toekomst.

Jaarlijkse herberekening risico’s

De risico’s mogen niet groter worden dan in de Regeling basisnet staat. Daarom telt de overheid elk jaar het vervoer van gevaarlijke stoffen, en de gerealiseerde risicocontour. Voor de berekening gebruikt de overheid de gegevens van het daadwerkelijke vervoer van gevaarlijke stoffen. En veranderingen in de omgeving. Bijvoorbeeld verbeteringen aan het spoor, de waterweg of de weg. 

Blijkt uit de berekening dat er bij het vervoer met gevaarlijke stoffen een hoger risico was dan het vastgelegde risicoplafond, dan volgt een overleg met de vervoerbedrijven. Als dat niet helpt, kan de overheid het vervoer van bepaalde gevaarlijke stoffen over een bepaalde route verbieden.

De Rijksoverheid heeft een programma ontwikkeld om de risico’s van het vervoer van gevaarlijke stoffen te berekenen. Dit programma heet RBM II. De Handleiding Risico-Analyse Transport (HART) beschrijft hoe gebruikers berekeningen met dit programma moeten uitvoeren.

Overheid koopt huizen op na invoering Basisnet

In enkele gemeenten in Nederland staan huizen binnen de risicozones van Basisnet. Dat zijn Rotterdam, Hardinxveld-Giesendam, Sliedrecht, Ridderkerk, Halderberge, Moerdijk en Roosendaal. Eigenaren kunnen hun woning verkopen aan de overheid. Die sloopt het pand vervolgens of geeft het een nieuwe bestemming. Rijkswaterstaat voert de regeling uit.