Het kabinet wil seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld voorkomen, herkennen, aanpakken en hulp bieden aan de slachtoffers. In het Nationaal Actieprogramma staan 5 actielijnen waarin verschillende maatregelen en acties zijn opgenomen.
Maatregelen in Nationaal Actieprogramma
In het Nationaal Actieprogramma staan 3 soorten maatregelen, namelijk:
- Maatregelen die de overheid zelf neemt, zoals wetgeving ontwikkelen.
- Maatregelen die maatschappelijke sectoren en organisaties nemen. De overheid kan deze aanmoedigen en ondersteunen.
- Maatregelen die alleen slagen als de samenleving verandert. Denk hierbij aan elkaar aanspreken op ongewenst gedrag of ondersteuning van slachtoffers.
5 actielijnen in Nationaal Actieprogramma
Het kabinet wil een duurzame cultuurverandering, waarin seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld snel gesignaleerd en voorkomen wordt.
Hierbij is het gesprek in de samenleving heel belangrijk. Het moet normaal worden om met elkaar te bespreken wat je wensen zijn en waar je grenzen liggen. En om elkaar aan te spreken op grensoverschrijdend gedrag.
In de eerste fase van het actieprogramma is er vooral aandacht voor de kennis van de opgroeiende generatie, ouders en begeleiders. En voor professionals in het onderwijs en de zorg. Dat zij allen kennis hebben over seksualiteit en seksuele weerbaarheid. Maar ook hoe je wensen en grenzen bespreekt. Dat maakt het makkelijker om met elkaar in gesprek te gaan.
De actielijn bevat de volgende doelen:
- Er wordt een open en inclusief gesprek in de samenleving gevoerd over hoe we met elkaar om willen gaan. Zonder seksisme, genderstereotypen, vooroordelen en vormen van discriminatie.
- In elke onderwijs, zorg- en welzijnsorganisatie weten medewerkers hoe ze seksualiteit bespreekbaar maken. Iedereen (h) erkent dan elkaars wensen en grenzen.
- Jongeren (h)erkennen elkaars grenzen en wensen. En ze zijn in staat om deze te verwoorden en te bewaken.
Iedereen moet zich veilig voelen, zonder angst voor ongewenste seksuele toenadering. Dit geldt thuis, op het werk, online, op straat en in openbare ruimten. In wet- en regelgeving moet dit centraal staan.
Hierdoor is duidelijk welk gedrag binnen onze samenleving onacceptabel en zelfs strafbaar is. Bijvoorbeeld door:
- heldere normen in de Arbowet- en regelgeving om seksueel grensoverschrijdend gedrag te voorkomen, te herkennen en aan te pakken;
- bekendheid van de Wet seksuele misdrijven, waar op dit moment aan wordt gewerkt;
- evalueren en verbeteren van het sporttuchtrecht om een veilige sportomgeving te garanderen;
- de Rijksoverheid stelt voor inkoop en subsidies voorwaarden die te maken hebben met het tegengaan van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag, en geeft hiermee het goede voorbeeld.
Organisaties werken aan een sociaal veilige cultuur. Het kabinet kijkt samen met organisaties wat zij daarvoor nodig hebben. Bijvoorbeeld heldere processen waarbij iedereen weet waar ongewenst gedrag kan worden gemeld. En welke vervolgstappen daarop volgen. Dit verschilt per sector en moet voortbouwen op goede initiatieven die er al zijn.
De actielijn bevat de volgende doelen:
- Werkgevers en werkenden worden ondersteund om beleid tegen seksuele grensoverschrijding binnen de organisatie op te stellen en uit te voeren.
- De Rijksoverheid vervult een voorbeeldfunctie als werkgever wat betreft seksueel grensoverschrijdend gedrag. De nadruk ligt op bewustwording en onderzoek.
- Organisaties hebben acties tegen seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld die passen bij de sector. Bijvoorbeeld specifieke acties die passen bij de sportsector, zodat iedereen in een veilige sportomgeving met plezier kan sporten.
Vaak herkennen mensen een situatie niet als seksueel grensoverschrijdend. Bijvoorbeeld wanneer zij hierbij aanwezig zijn. Of ze herkennen het wel maar zijn bang om in te grijpen of weten niet hoe te reageren. Dit kan ook lastig zijn als een slachtoffer of pleger ze in vertrouwen neemt na seksueel geweld.
Het kabinet wil daarom dat:
- Omstanders seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld herkennen. En weten wanneer en hoe in te grijpen of hierop te reageren.
- Omstanders zich veilig voelen om in te grijpen.
Het is belangrijk dat er goede ondersteuning en hulpverlening is voor mensen die te maken krijgen met seksuele grensoverschrijding. Ook om problemen of verergering van problemen te voorkomen. De hulpverlening richt zich op slachtoffers, plegers of naasten. Onder goede hulpverlening verstaan we hulpverlening die (bewezen) effectief is.
Ook is de fase belangrijk voordat iemand ondersteuning of hulpverlening krijgt. Denk hierbij aan laagdrempelig advies krijgen, een luisterend oor vinden of melding doen.
Deze actielijn bevat de volgende doelen:
- hulp is goed vindbaar en de toegang is laagdrempelig;
- er worden uitgangspunten voor goede hulpverlening geformuleerd;
- de basis voor goede hulpverlening is op orde.