Maatregelen tegen schijnconstructies

Werknemers kunnen achterstallig loon opeisen bij werkgevers én opdrachtgevers. De Inspectie SZW maakt namen openbaar van bedrijven die zich niet aan de regels voor het minimumloon houden. Dit staat in de Wet aanpak schijnconstructies.

Wat zijn schijnconstructies

Werkgevers kunnen constructies gebruiken om regels voor minimumloon of cao-loon te ontduiken. Werknemers zijn hier de dupe van. Voorbeelden van deze schijnconstructies:

  • bedragen voor maaltijden, huisvesting of zorgverzekering inhouden op het minimumloon;
  • boetes voor te hard praten onder werktijd inhouden op het minimumloon.

De Wet aanpak schijnconstructies (WAS) verbiedt deze constructies sinds 1 januari 2017.

Gevolgen schijnconstructies

Schijnconstructies leiden tot:

  • oneerlijke concurrentie tussen bedrijven door te goedkope arbeid;
  • ontduiking van betaling van sociale premies door werkgevers die te lage lonen betalen;
  • verdringing van Nederlandse werknemers door goedkoop buitenlands personeel.

Wet aanpak schijnconstructies

De Wet aanpak schijnconstructies wil werknemers beter beschermen tegen onderbetaling en bonafide werkgevers beter vrijwaren tegen oneerlijke concurrentie. Ook wil de wet handhaving van het arbeidsrecht verbeteren. De wet wordt sinds 2015 in fases uitgevoerd.

Maatregelen tegen schijnconstructies minimumloon

Uit de Wet aanpak schijnconstructies moeten werkgevers zich aan de volgende regels voor minimumloon houden:

  • Uitbetalen volledig minimumloon

    Alle constructies zijn verboden waarbij werkgevers minder dan het hele minimumloon betalen. Bijvoorbeeld wanneer zij ten onrechte maaltijdkosten of verzekeringspremies inhouden op het loon. Op het minimumloon mogen alleen volgens de wet verplichte of toegestane bedragen worden ingehouden. Voorbeelden hiervan zijn belastingen en premies.

    Inhoudingen op kosten voor huisvesting (maximaal 25% van het minimumloon) en zorgverzekering zijn wel mogelijk. De werknemer geeft hiervoor een schriftelijke volmacht aan de werkgever.

  • Duidelijke loonstrook

    Werkgevers moeten zorgen dat de loonstrookjes begrijpelijk zijn voor het personeel. Ook moeten zij alle bedragen op de loonstrook duidelijk toelichten. De Inspectie SZW kan werkgevers een boete geven als de loonstrook niet klopt.
  • Minimumloon via bank betalen

    Werkgevers mogen het minimumloon niet meer contant betalen. Wat een werknemer meer dan het minimumloon verdient, mag de werkgever wel contant betalen. De werknemer kan de werkgever wel machtigen om het volledige loon over maken naar een andere bankrekening. Bijvoorbeeld naar de rekening van een schuldhulpverlener, zoals de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een kamerbrief schrijft.
  • Inspectie SZW controleert en maakt namen bedrijven openbaar

    De Inspectie SZW controleert of werkgevers zich aan de regels voor minimumloon houden. Bij overtreding legt de Inspectie een boete of een dwangsom op. Ook maakt de Inspectie de namen bekend van alle bedrijven die zijn gecontroleerd. Dus van bedrijven die de regels ontduiken, maar ook van gecontroleerde bedrijven die de regels naleven.

Meer informatie over de verplichtingen van de werkgever leest u in de brochure Wet aanpak schijnconstructies.

Overige maatregelen tegen schijnconstructies

 Uit de Wet aanpak schijnconstructies gelden ook nog de volgende maatregelen:

  • Ketenaansprakelijkheid voor loon: werkgever én opdrachtgever aansprakelijk

    De werknemer kan nu ook de opdrachtgever van de werkgever aansprakelijk stellen voor betaling van loon waarop hij recht heeft. Dit heet ketenaansprakelijkheid voor loon. Eerder was alleen de werkgever hiervoor aansprakelijk. Zo heeft de werknemer meer mogelijkheden om achterstallig loon op te eisen.

    Intussen is er een wetsvoorstel om de ketenaansprakelijkheid voor loon ook toe te passen op de vervoersovereenkomst. Doel  van dit voorstel:  werknemers in het goederenvervoer over de weg kunnen bij  onderbetaling ook  andere partijen naast de werkgever aansprakelijk stellen.

    Sinds 1 januari 2017 is de ketenaansprakelijkheid in het Burgerlijk Wetboek voor loonvorderingen uitgebreid met:
  • Uitwisseling informatie over werkgevers

    Vermoedt de Inspectie SZW dat een werkgever een cao niet naleeft? Dan geeft zij dit door aan organisaties van werkgevers en werknemers. Deze organisaties kunnen dan actie ondernemen.
  • Vaststellen identiteit niet-EU werknemer

    In de Wet arbeid vreemdelingen staat hoe de werkgever identiteitsbewijzen van buitenlandse werknemers moet controleren en bewaren. Het gaat om ID-bewijzen van vreemdelingen van buiten de EU (en Kroatië) die worden in- en uitgeleend. De Inspectie SZW kan van de werkgever eisen binnen 48 uur hen de vastgestelde identiteit door te geven.