Criminaliteit onder jongeren tegengaan

Vroegtijdig ingrijpen is van belang om te voorkomen dat minderjarigen het criminele pad opgaan. Plegen zij toch een misdrijf? Dan helpt snel en consequent straffen om jeugdcriminaliteit terug te dringen. Na afloop van hun straf ontvangen jongeren nazorg. Dat moet ervoor zorgen dat ze niet opnieuw in de fout gaan.

Criminele jongeren snel berechten

Criminele jongeren die in de fout zijn gegaan, krijgen zo snel mogelijk straf. Dit heet het lik-op-stukbeleid. Voor jongeren die een strafbaar feit plegen, geldt het jeugdstrafrecht.

Aanpak problematische jeugdgroepen

Een speerpunt van de overheid is de bestrijding van jeugdgroepen die overlast blijven geven. De aanpak verschilt per groep en groepslid. Wat goed werkt, is maatregelen combineren die zich richten op zorg, straf en onderwijs of werk. De overheid wil niet alleen grenzen stellen door de jongeren te straffen als dat nodig is. Het is ook belangrijk om jongeren perspectief te bieden op werk of onderwijs. Dit voorkomt dat jongeren kiezen voor een criminele loopbaan.

De gemeente heeft de regie bij het ter plaatse volledig aanpakken van jeugdgroepen. De gemeente werkt samen met politie, het Openbaar Ministerie (OM) en het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Op de website Wegwijzer jeugd en veiligheid staat hoe gemeenten problematische jeugdgroepen aanpakken.

Herhaling voorkomen bij jeugdige criminelen

Om te voorkomen dat criminele jongeren opnieuw de fout ingaan, richt de overheid zich op:

  • Een persoonsgerichte aanpak

    Iedere jongere is anders en verdient een persoonlijke aanpak. Jeugdige veelplegers met gedragsproblemen kunnen een gedragsbeïnvloedende maatregel opgelegd krijgen. Een agressieve jongere moet bijvoorbeeld een cursus volgen om beter met zijn agressie om te leren gaan. De Erkenningscommissie Gedragsinterventies Justitie toetst of deze cursussen ook echt het gewenste effect hebben.
  • Scholings- en trainingsprogramma's

    Komt een jongere uit een jeugdgevangenisjeugdinrichting? Dan moet hij weer gaan meedraaien in de samenleving: op school, met een studie of met werk. Scholings- en Trainingsprogramma’s (STP’s) aan het eind van de strafperiode zijn hierop een goede voorbereiding.
  • Goede nazorg en begeleiding

    Justitiële jeugdinrichtingen, Raad voor de Kinderbescherming, Jeugdreclassering en gemeenten werken samen in netwerk- en trajectberaden. Na vrijlating regelen ze zo voor de jongeren onderdak, inkomen, scholing en/of werk.

Vroegtijdig ingrijpen bij kinderen onder de 12

Kinderen tot 12 jaar kunnen niet worden vervolgd. De politie spreekt wel met hun ouders. Of de politie stuurt ze door naar Bureau Jeugdzorg. De rechter kan maatregelen nemen als het echt uit de hand loopt met ze.

Ouders verplicht bij rechtszaak aanwezig

Moet een minderjarige voor de rechter verschijnen? Dan zijn de ouders of verzorgers verplicht om bij de rechtszaak aanwezig te zijn. Zo kan de rechter een beter beeld krijgen van de gezinssituatie en van de jongere zelf. Komen de ouders niet, dan kan de rechter een 'bevel tot medebrenging' afgeven. De politie haalt de ouders dan thuis op.

Ouders worden ook vóór de rechtszitting al betrokken. Zo spreekt de politie vaak al met de ouders. Ook de Raad voor de Kinderbescherming neemt contact op met de ouders. De jeugdreclassering zoekt contact, als de voorlopige hechtenis van de jongere wordt opgeheven.