Als ik recht heb op de Tozo, hoeveel krijg ik dan? En wanneer?

De hoogte van de uitkering Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is afhankelijk van bijvoorbeeld uw leeftijd en uw gezinssituatie. Bekijk de regels voor de hoogte van de Tozo-uitkering.

Normbedragen gelden vanaf 1 juli 2020

Tozo kent vanaf 1 juli 2020 de volgende normbedragen voor personen boven de 21 jaar:

  • alleenstaande, bij een leeftijd tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd: € 1059,03;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd zijn: € 1512,90;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd is en 1 echtgenoot ouder is dan de AOW-leeftijd: € 1.606,88

Jongerennormen, zonder kinderen (vanaf 1 juli 2020):

  • alleenstaande, bij een leeftijd van 18, 19 of 20 jaar: € 261,44;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18 ,19 of 20 jaar zijn: € 522,88;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.017,89

Jongerennorm, met kinderen (vanaf 1 juli 2020):

  • alleenstaande ouder, indien hij 18, 19 of 20 jaar is: € 261,44
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar zijn: € 825,46
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.320,47

Normbedragen gebaseerd op de Participatiewet 

De gemeente verstrekt de uitkering aan een huishouden op basis van de Participatiewet. De uitkering is een aanvulling tot het sociaal minimum oftewel bijstandsniveau. Dat betekent dat de gemeente het inkomen van een alleenstaande zelfstandige aanvult tot € 1.059. Voor gehuwden en samenwonenden (ook als beide partners zelfstandigen zijn) vult de gemeente het inkomen aan tot een bedrag van € 1.512 netto.

Volgens de participatiewet krijgt een alleenstaande ouder van de gemeente hetzelfde bedrag als een alleenstaande zonder kinderen. De alleenstaande ouder krijgt via het kindgebonden budget van de Belastingdienst een aanvulling voor de kosten van de kinderen. De gemeente betaalt dus geen bijdrage uit die voor de kinderen is bestemd. Die bijdrage zit in het kindgebonden budget dat dus niet de gemeente maar de Belastingdienst uitbetaalt.

Fiscale gevolgen uitkering levensonderhoud Tozo voor ondernemer en partner

De gemeente vraagt bij de verlenging van de Tozo ook naar het inkomen van uw partner. Dit houdt in dat als het gezamenlijk inkomen op of boven het geldende sociaal minimum verkeert, er geen recht bestaat op Tozo uitkering. Als het gezamenlijk inkomen zich onder het sociaal minimum bevindt en als aan de betreffende criteria in de Tozo wordt voldaan, kunnen u en uw partner in aanmerking komen voor aanvullende Tozo inkomensondersteuning.

Indien er sprake is van een gezinssituatie kent de gemeente de uitkering toe aan beide partners, ieder de helft. Daarbij berekent de gemeente loonheffing over de Tozo-uitkering en past ze standaard een loonheffingskorting (ongeveer € 207 per maand) toe op de berekende en te betalen loonheffing. Als u ook een inkomen heeft uit loondienst, dan gaat de loonheffingskorting die op dat inkomen is toegepast af van de loonheffingskorting over zijn of haar helft van de Tozo-uitkering.

Dat houdt in dat de gemeente op de helft van de Tozo-uitkering die ze toekent aan uw partner de volledige loonheffingskorting toepast. Als uw partner nog andere inkomsten heeft waarop ook al loonheffingskorting is toegepast, dan betekent dit dat hij of zij dus te weinig loonheffing betaalt. Volgend jaar volgt dan een aanslag van de Belastingdienst. Het is goed om hiermee rekening te houden.

Tozo opgeven bij inkomstenbelasting 2020

De uitbetaalde Tozo uitkering is inkomen dat u moet opgeven in uw aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2020. De uitkering moet apart worden opgegeven en is dus geen onderdeel van de omzet.

In het eerste kwartaal van 2021 stuurt de gemeente u een jaaropgave. Als u samen met uw partner een Tozo uitkering heeft gekregen dan ontvangen u en uw partner beiden een jaaropgave voor de helft van de totaal verstrekte uitkering. Het vermelde bedrag is inclusief de door de gemeente afgedragen loonheffing. Het bedrag zal dus hoger zijn dan de door u ontvangen netto uitkering. Het op de jaaropgave vermelde inkomen moet u (en uw partner) opgeven bij uw aangifte inkomstenbelasting 2020. Als u via de site van de belastingdienst inlogt, vinkt u onder het kopje ‘Pensioen en andere uitkeringen’ aan: ‘uitkeringen, zoals AOW, WW, WAO, WIA en Wajong’. En vervolgens uit de lijst kiezen voor ‘Bijstandsuitkering (Participatiewet)'. Daarna kunt u de hoogte en de ingehouden loonheffing zoals vermeld op de jaaropgave invoeren.

Steun TOGS en TVL MKB niet opgeven aan de gemeente

De bedragen die u vanuit EZK noodloketten TOGS en Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB ontvangt hoeft u voor de Tozo inkomensondersteuning niet op te geven aan de gemeente. Wél moet u bij de aanvraag van de Tozo lening bedrijfskapitaal aangeven of u hier gebruik van maakt. En aannemelijk maken dat u desondanks nog steeds onvoldoende direct beschikbare geldelijke middelen heeft om de vaste lasten van het bedrijf mee te betalen.

Informatie over de (oude) TOZO 1 en 2

Bekijk de publicaties Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers TOZO 1.0 en Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers TOZO 2.0.